Na het overlijden van onze eerste hond Rubia (15 jaar) volgde een periode zonder hond. Het had zo zijn voordelen maar haar moeten missen viel ook niet mee. Rubia was een Greyhound kruising en al 10 jaar toen we haar adopteerden uit de dierenopvang in de Haarlemmermeer. Ze had veel last van verlatingsangst, joeg alle katten van de buurt de boom of dakgoot in, maar was een schat van een hond die het liefst naast je op de bank tegen je aan kroop. We gingen op zoek naar een soortgelijke hond en vonden die uiteindelijk op de website van Greyhounds Rescue Holland (GRH), www.Greyhoundrescue.nl

De keuze voor en komst van Noa

We vielen op een 4-jarige zwarte Galga uit Spanje. Via de stichting kregen wij eerst huisbezoek van een van de vrijwilligers van GRH. De deurbel ging en we waren aangenaam verrast, want wat bleek: de huisbezoeker, Ria Remmerswaal, hadden  wij al een tijdje daarvoor leren kennen tijdens het uitlaten van onze honden in de wijk waar we toen woonden. Ria en haar man bleken ook zelf een nieuwe hond te hebben geadopteerd (een pup) en we zouden ze samen op gaan halen op Schiphol. We hadden zoiets nog nooit meegemaakt, dus dat werd een leuke maar vooral ook spannende dag. Hun hond én Noa kwamen aan op 23 juni 2018. We waren er al van op de hoogte dat ze na zo’n reis soms maar aan één ding denken: hoe komen we hier zo snel mogelijk weer weg! Met de drie begeleiders van GRH was het ontvangstcomité compleet.  De hondjes waren inderdaad duidelijk nerveus en moesten voorzichtig uit de bench worden gehaald, in een anti-weglooptuig gehesen en dubbel aangelijnd. Dat is overigens iets wat de stichting altijd wil om ontsnappingen te voorkomen. In Spanje had ze de naam Nanit gekregen, maar we hebben haar meteen “omgedoopt” in Noa. De reis naar huis ging boven verwachting goed. Toen de achterdeur openging kroop ze direct in de smalle ruimte tussen voorstoel en achterbank. Kennelijk was dat even een veilige plek. Eenmaal thuisgekomen kroop de lieve schat snel weg in een hoekje van de bijkeuken.

Nu, een half jaar later

Noa heeft inmiddels een vaste plek in de huiskamer en ligt daar heerlijk op haar mat. Blaffen doet ze niet, zelfs niet tegen de kat van de buren, die kan gewoon komen binnenlopen. Verlatingsangst is haar ook vreemd, ze is kennelijk graag alleen zelfs en komt pas van haar plek als er iets lekkers te halen valt of ‘s nachts als ze het rijk alleen heeft. Dan gaat ze met haar knuffelbeestjes op stap en zoekt een lekkere bank uit om op te slapen. Haar speeltjes vinden we dan ook de volgende ochtend op verschillende plekken terug. Als een van ons naar beneden komt, gaat ze echter weer snel terug naar haar eigen mat alsof er niets gebeurd is. Behalve als het baasje zich een beetje verslapen heeft, dan staat ze je in de keuken al op te wachten terwijl ze wat veelzeggende geluidjes maakt (maar niet blaft). En sinds kort begint ze soms ook met haar staart te kwispelen.

In het begin was alles buiten tijdens de wandelingen nog eng, mensen, verkeer en andere honden. Inmiddels kent ze enkele honden en hun baasjes wat beter en wordt wat minder angstig, hoewel ze nog graag op een afstandje blijft. Ze is het meest in haar comfort zone tijdens de laatste uitlaatronde in het donker. Dan pakt ze allerlei sporen op, wordt opgewonden en wil achter het wild aan jagen. Dat is ook het moment dat ik één keer iets hoorde dat op blaffen leek, niet meer dan een zacht “wrroef”, omdat ze met haar neus bij een egel aanklopte. We wonen vlak bij een bos met losloop gebieden maar we durven haar nog niet los te laten. Voor vuurwerk was ze verrassend genoeg helemaal niet bang. Gelukkig maar want Rubia was altijd volledig van slag en trilde en bibberde van angst.

Als je een hond uit het buitenland adopteert doe je natuurlijk iets heel goeds. Het is alleen niet uit te sluiten dat de hond getraumatiseerd is door wat ze in haar eerste levensfase heeft meegemaakt. De stichting doet altijd haar uiterste best om daar zoveel mogelijk informatie over te kunnen geven. Voordat we haar kregen, had ze het gelukkig al heel goed in het pleeggezin dat haar opgevangen had en met wie we een leuk contact hebben gekregen. Het was daar al opgevallen dat ze andere honden negeert. We houden hen op de hoogte over de vorderingen die Noa stapje voor stapje maakt, maar er is nog wel een weg te gaan. Daarbij worden we geholpen door bruikbare tips van o.a. Cybele Witteveen die ook een keer bij ons kwam met een van haar honden. Deze deed enthousiast voor hoe je heel gezellig van de ene bank op de andere bank kan springen, maar dat was aan Noa nog niet aan toe. Samen wandelen bleek voor herhaling vatbaar, daar geniet ze echt van. Ook hebben we veel aan de ondersteuning  en ervaring van Ria en René.

Met veel geduld en de liefdevolle verzorging die ze van ons krijgt zie je haar vertrouwen in de nieuwe omgeving groeien. Dan hebben we uiteindelijk  weer een hele lieve hond met het besef dat ze misschien altijd een beetje anders zal blijven. Met Ria en René en hun Virginia – die ook nog erg moet wennen – hebben we afgesproken  voortaan een vaste dag in de week samen te gaan wandelen.

Lieve Noa, wij gaan verder met jou dit avontuur aan zodat we later kunnen zeggen “wat een mooie reis was het uiteindelijk”.