Over het algemeen maken Jim en ik dingen mee die soms vervelend zijn, hilarisch grappig (al zeg ik het zelf) of hoogstens lichtelijk irritant. Helaas zijn wij nu tegen iets aangelopen wat regelrecht dreigde af te stevenen op een gigantische ruzie. Een ramp in galgo-land zullen we maar zeggen. En er kwam een kant in mij naar boven….tja.. hoe zal ik het zeggen….die kende ik nog niet van mijzelf.

Jimi en zijn fobie voor paarden

En dit heeft allemaal te maken met Jimi en zijn fobie voor paarden. Paarden en katten. Het is niet dat hij er een hekel aan heeft. Integendeel! Mijn galgo kind vindt ze enig. Hij speelt er graag mee en wil er het liefst achteraan rennen. Of lekker tegenaan blaffen. Nou zijn katten niet een heel groot probleem. Ik laat mijn hond alleen los op loslaatplekken die veilig zijn. Of op het strand. Katten kom je daar niet vaak tegen. Paarden daarentegen……

Hij vindt ze fantastisch. Hoe groter hoe beter. En het allermooiste is als de paarden keihard over het strand rennen. Een grotere uitdaging kun je hem niet geven. Voor hem zijn het een soort levensgrote galgo’s die keihard gaan.

En uiteraard is men, ruiter en paard , hier niet van gediend. Logisch, dat begrijp ik. De eerste keer dat Jimi achter een paard aanging rende ik er nog enthousiast achteraan. In de hoop dat mijn hond terug zou komen. (jaja, ik hoor jullie lachen lieve lezers…) Na 500 meter de longen uit mijn lijf te hebben gerend moest ik met lege handen terugkeren.

Ik zag een steeds kleiner wordend stipje aan de horizon het paard achterna gaan en hoopte maar dat hij heelhuids terug zou keren

Na 20 minuten was dit dan ook het geval. We konden ook gelijk weer naar huis want mijnheer was kapot.

Een schrale troost; het schijnt er ontzettend grappig uit te hebben gezien. Een rennend paard, vlak daarachter Jimi , een hele , hele tijd niets, en daarna een schreeuwend klein vrouwtje. Ik dus.

Doodsangsten stond ik uit. Niet alleen vanwege Jimi , maar ook vanwege de ruiter en zijn paard.

Afijn, ik had hier van geleerd en Jimi ook. Sinds dit voorvalletje speur ik van te voren het strand af naar mogelijke paarden. Is het strand “paarden-proof” laat ik hem los. En tijdens de wandeling blijf ik ook vooral alle kanten op kijken want je weet maar nooit. Jim heeft namelijk geleerd (en besloten) dat paarden zijn nieuwe, beste vrienden worden. Hij loert op elk klein kansje wat zich voordoet om los te breken en vrolijk hupsend om het paard heen te gaan dansen.

Een paar weken geleden besloten we te gaan wandelen in een “soort” van natuurgebied . Ik zat die dag al niet zo lekker in mijn vel (u kent het misschien wel; ochtendhumeur in combinatie met een “alles gaat mis” middag) en lette inderdaad even niet goed op. Boem! In 1 keer staat er een joekel (nee serieus mensen, ik overdrijf niet) van een paard voor mijn neus. Groot , zwart en nogal bewegelijk. De vrouw op het paard schrok, gaf hem de sporen (ik ben niet zo thuis in de paardentermen maar volgens mij heet dat zo) en daar gingen ze. Met z’n drieën.

“O nee, o nee, o nee”. Ik wist niet wat ik moest of kon doen. Roepen, op en neer springen. Alles heb ik uit de kast gehaald. De andere kant op rennen. Maar niets hielp

Jimi was “Gone with the wind”(hond). Uiteindelijk kwam de dame in kwestie terug met in haar kielzog mijn hond. Uitgelaten enthousiast want “o wat was het leuk geweest allemaal” bleef hij om het paard heen dartelen.

Terwijl ik mijn hond probeerde aan te lijnen bleek de ruiter niet alleen boos te zijn. Nee, ze was woedend! Razend! Ik begrijp haar boosheid uiteraard , maar toen ze besloot om in haar razernij haar paard op dusdanige wijze zo te draaien dat Jimi geraakt zou kunnen worden door een trap van haar paard verdween al mijn redelijkheid als sneeuw voor de zon. Ik ontstak in een soort van vlammende woede waarbij de stiefmoeder van Sneeuwwitje nog een puntje aan kan zuigen. Werkelijk, als ik een bezem had gehad, was ik er zo op weggevlogen. Zo boos was ik. Nee, achteraf gezien ben ik zeker niet trots op mijn gedrag. (Jimi was overigens nog steeds vrolijk aan lambada dansen met zijn nieuwe grote vriend)

Hondencursus

Weken later was ik op een hondencursus. En wie kom ik daar tegen? Juist, bovengenoemde dame. Loerend namen wij elkaar op. “Kan ik haar hebben”, dachten we allebei. En terwijl wij om elkaar heen aan het draaien waren (als ik nekharen had gehad, waren ze recht overeind gaan staan) besloten Jimi en haar hond elkaar aardig te vinden. Sterker nog, ze besloten gezellig met elkaar te spelen.

“Verdorie”, dacht ik. Dit is niet de bedoeling. We zijn toch gezworen vijanden?

Achteraf hadden de dieren niet zo heel veel problemen met elkaar. Het waren meer de overbezorgde baasjes die een probleem met elkaar hadden. Beiden waren we bezorgd om onze eigen dieren. En waarom zouden we daar nu nog een probleem van maken? Wat gebeurd is, is gebeurd. Onze honden leven niet voor niets in het nu. Het voorkomt soms een hoop narigheid, verdriet of teleurstelling. Column 23 foto Jimi 1

Soms kom ik deze dame nog weleens tegen. Ik lijn dan snel Jimi aan en zij houdt haar paard in. We houden nu rekening met elkaar. En Jimi…? Jimi zwabbert vrolijk met zijn lange staart als hij zijn nieuwe vriend tegenkomt. En blijft hopen….wie weet in de toekomst. Stiekem snel een sprintje ..Of even gek doen, de 1000 , 1500 of 3000 meter? Wat die schaatsers kunnen, kunnen wij toch beter?

Olympisch goud zal Jimi er niet mee halen, maar als trotse hondenmoeder denk ik gelijktijdig;

“Zo’n mooi en groot hart van goud kun je nergens winnen Jimi!”

Groeten van Ampa en een poot van onze paardenliefhebber en galgo: Jimi!